auteur

Bij wijze van profiel hier het eerste verhaal uit Verwarde man:

IMG_4639 Tw vierkant

Los

Mijn ziektegeschiedenis begint in 1995. Aanvankelijk had ik een psychose. Daar kwam een depressie achteraan. Toen daar binnen twee jaar een nieuwe manische psychose op volgde, had ik een bipolaire stoornis. Daar kon ik een tijdje mee vooruit. In 2010 is de diagnose bijgesteld naar schizoaffectieve stoornis: buiten de episodes om heb ik altijd licht psychotische klachten.

Voortvloeiend uit dit alles had ik een pover zelfbeeld en kreeg ik te maken met sociale angst en paniekaanvallen. De universitaire studie waar ik ooit aan begon, heb ik niet af kunnen maken. Betaald werk heb ik mondjesmaat verricht. Mijn sociale contacten hadden er duchtig onder te lijden.

Toch heb ik niet te klagen. Mijn toestand is gestabiliseerd en met pillen en een uitgebalanceerde leefstijl hoop ik dat zo te houden. Met mijn vrouw en kinderen heb ik het getroffen. Ik heb naaste familie en een paar goede vrienden. Met de buren kan ik goed overweg en ik ben tevreden over de wijk waar ik woon. Ondanks dat er altijd nog wat schuurt, meen ik een betekenisvol leven te leiden.

Bij de afdeling FACT van Altrecht (een ggz-instelling in Utrecht) volgde ik de afgelopen vijf jaar met succes verscheidene therapieën: een groep voor mensen met psychotische aanleg, eentje ter bevordering van het zelfbeeld en een tegen sociale angst. Daarnaast deed ik individuele cognitieve gedragstherapie en had ik begeleidende gesprekken. Een halfjaar lang nam ik deel aan een mindfulnessgroep, die me ertoe aanzette weer dagelijks te mediteren. Door het palet dat ik dankzij dit alles tot mijn beschikking kreeg, kon ik veel storende gedachten weerleggen of relativeren. Mooi bijkomend effect was dat het aantal storende gedachten verminderde, net als de ernst ervan.

Mijn toenmalige therapeut meende dat ik, gezien de stand van zaken, mogelijk weg kon bij FACT. Gewend als ik was aan bijstand van de ggz, ging ik ervan uit dat ik dan terug zou gaan naar de poli bipolair, waar ik voorheen een jaar of vijftien cliënt was. ‘Dat hoeft niet’, zei ze, ‘er is ook de optie om onder controle te zijn bij de eerstelijnszorg.’ Terug naar de huisarts dus. Dat betekent niet dat ik genezen ben verklaard, het is wel de markering van een nieuwe fase in mijn herstel.

Het is de kers op de taart: ik laat de psychiatrie achter me. Hoewel de banden nooit helemaal verbroken worden, neem ik een belangrijke stap die me met trots vervult. Het komt erop neer dat de huisarts medicatie voorschrijft en laagfrequent de vinger aan de pols houdt. Dat is het. Psychiaters, therapeuten en spv’ers blijven buiten beeld.

Na twintig jaar mét gloort een toekomst zónder hulpverlening, een machtig vooruitzicht. Geen periodieke gang meer naar de Lange Nieuwstraat om te melden dat het wel goed gaat of net iets minder. Dan ben ik cliënt-af. Hopelijk voor lang. De kwetsbaarheid blijft, daar leef ik mee. Dat kan vanaf nu op eigen benen, met losse handen.

Vaarwel dus, wachtkamer. Dag dame achter de balie. Tabee hulpverleners. Het ga jullie goed!

 

Advertenties